Ingrid Coster over haar chemoperiode
Volkomen onbevangen ging Ingrid Coster (50) vorig jaar januari naar de bus voor borstonderzoek. Drie jaar eerder was er immers niets ontdekt. Maar
ditmaal moest er nog een foto worden gemaakt. Ze kreeg een brief thuis dat ze naar de huisarts moest. Het was mis.
Besloten werd tot een operatie. Ze dacht met de borst eraf dat ze ermee klaar was. Maar er waren uitzaaiingen in de schildwachtklier. Ze moest wel aan de chemo. Volgens de chirurg zou ze nooit meer kunnen hardlopen. “Dat vond ik toen niet zo erg. Wat kon mij hardlopen schelen. Ik wilde alleen maar dat ik niet dood zou gaan.”
“Hoe ziek ik ook was, ik ben altijd mijn bed uitgekomen. Met m’n man John liep ik dan een rondje om het pakhuis waarin wij wonen. Dan was ik even buiten.” Ingrid moest zes chemokuren van drie weken ondergaan. Elke kuur duurde drie weken. De eerste week was ze dan erg ziek. Daarna krabbelde ze langzaam op en begon ze weer met joggen. “Ik heb er veel profijt van gehad dat ik dat kon doen. Anders zit die ziekte maar in je hoofd.”
“Later bleek dat ik best kon lopen. Het was maar de helft van wat ik kon doen voordat ik ziek werd, maar het was nog een hele hoop. Ik ben best nog vaak naar de trainingen van Bram Wassenaar gegaan. Hij heeft me altijd gestimuleerd. Als je klaar bent met chemo, uurt het nog een paar weken voordat dat spul uit je lichaam is. Toen zijn we met Fa en Remco naar het trainingskamp in Portugal gegaan. Ik wilde toch proberen of ik op het oude niveau kon terugkomen. We hebben ons daar aardig de blubber getraind. Ik wilde kijken hoe ik de halve in Egmond zou doen.
Dat was de opzet van het trainingskamp. M’n PR was 1.28. Met 1.33 was het niet meer wat het was, maar in m’n klasse was ik eerste. Dat was toch wel leuk.”
“Ik loop vanaf m’n 35e, toevallig de leeftijd waarop vrouwen masters worden. Daarvoor deed ik een beetje aan sport. Met m’n bedrijf deed ik toen mee aan de Grachtenloop. Ik ontdekte dat ik een goeie in hardlopen was. Omdat ik in niet veel dingen goed was, vond ik dat leuk. Ik won meteen een bekertje. Hartstikke gaaf.”
Eerst was ik lid bij Atos, waar ik lange tijd heb getraind. Toen kwam Bram Wassenaar als trainer. Door hem ben ik een jaar of vijf geleden lid van AV‘23 geworden. Bram is een heel goede trainer. ‘Ingrid, je krijgt net zoveel aandacht als Kamiel Maase.’ Als jij je best doet, is hij echt in je geïnteresseerd. Ik ga nog steeds met kleine stukjes vooruit. Lopen vind ik leuk. Het is ontspanning voor me. De geest raakt helemaal vrij. Ik ben dan
alleen maar met lopen bezig. Voor vrouwen die in dezelfde situatie terecht komen als ik, heb ik het volgende advies. Je hebt er baat bij als je in beweging blijft en als je de dingen blijft doen die je leuk vindt. De oncoloog zei: je moet voorzichtig zijn. Maar ik heb in die periode een heleboel aan het lopen gehad.”
Monte Gordo, Portugal
“Het Complexo Desportivo in Villa Real de Santo António omdat het in een heel mooi duingebied met bossen ligt en vlakbij het Monte Gordo-strand. Je hebt daar 12,5 km paden door de bossen terwijl het strand 20 km lang en 100 meter breed is. Er is ook een indoorbaan voor sprinters.
Er trainen ook toppers. Tegelijk met ons zat daar de Russische atletiektop, onder wie nogal wat medaillewinnaars. Dat was best wel leuk. De Algarve is in december de meest ideale plek qua temperatuur: overdag ongeveer 18 graden. John en ik komen er al een jaar of tien. Volgens mij was Elly van Hulst
de eerste die er naartoe ging. In december zitten er veel pensionado’s die er wandelen. De sporters lopen er ’s avonds nog krommer dan de oudjes.
We trainden er twee keer per dag, in totaal een uurtje of vier. Tussen de middag lagen we bij het zwembad. ’s Avonds aten we in het hotel. We hoefden dus geen boodschappen te doen. Bovendien zijn de prijzen heel redelijk. John en ik waren er vier weken. Daarvan kregen we één week gratis. De totale kosten met halfpension per persoon waren 800 euro.”
In Ingrids woonkamer prijkt een kastje dat uitpuilt van de medailles en bekers, gewonnen bij kampioenschappen op de weg en crosskampioenschappen.