Dennis Weijens, de snelste sprinter van AV '23

“En toch maak ik bij verspringen de meeste progressie”

AMSTERDAM – Dennis Weijens (22) start komende zondag tijdens de finale van de seniorencompetitie op de 100 meter, bij het verspringen en op de 4 x 400 meter. Op de koningsafstand is hij de snelste sprinter van AV '23 met een PR van 11.21 seconden. Maar tevreden is hij nog lang niet. “Mijn eerste doel is om onder de 11 seconden te lopen en m'n volgende om mee te doen aan het NK. De limiet daarvoor is 10.95. Daar ben ik nog een stuk van verwijderd. Ik zal er deze winter hard voor moeten trainen.”

Dennis heeft “geen idee” waarom hij dit jaar slechts minieme progressie heeft gemaakt, om precies te zijn éénhonderdste seconde. “Overigens met toestemming van Els van Noorduyn ben ik wel meer aan verspringen gaan doen, maar ik heb evenveel tijd aan de sprint besteed. Ik studeer er ook bij, maar dat deed ik vorig jaar ook al. Dus wat dat betreft is er niets veranderd.”

“Bij verspringen heb ik heel veel progressie gemaakt, van 6.36 meter twee jaar geleden tot 6.79 dit jaar (6 juli, Best). Dat is ruim 40 cm verder.” [Grappig is dat Sander Stok, onze kogelslingeraar en ook een zeer gewaardeerd bestuurslid, precies het PR verspringen van Dennis wist. Dat bewijst maar weer eens hoe hecht de technische groep onder Els is.] “Bij een instuif in Utrecht deed ik weer ‘ns mee met verspringen. Dat bleek heel goed te gaan. Ik verbeterde toen m'n PR met ruim 20 cm. Ik dacht: Er zit meer in. Dit moet ik vaker doen.”

“Het doel is om de 7 meter te halen. Ik zal de techniek beter onder de knie moeten krijgen. Bij verspringen hangt daar veel van af. Je moet vooral snelheid in afstand omzetten. Om te trainen vind ik verspringen niet zo leuk. Dat valt me tegen. Maar in een wedstrijd is het heel erg leuk. Je hebt meerdere pogingen. Daardoor kun je in een wedstrijd groeien. De 100 meter is maar één keer. Ik heb dan vaak het gevoel dat het harder had gekund.”

“Bij de Nederlandse Studentenkampioenschappen van vorig jaar liep ik in de serie 11.33, in de halve finale ietsje sneller en in de finale 11.22. M'n PR liep ik dit jaar in juni tijdens de Gouden Spike in Leiden. Tegen toppers lopen, zoals in Leiden, vind ik stimulerend. Ik vind het heel handig als voor me iemand loopt die ik kan inhalen. Op trainingen start ik bewust wel eens iets later zodat ik iedereen kan pakken. Maar Els vindt, en ze heeft gelijk, dat je bij de start meteen voor moet liggen.”

“Ik beschouw mezelf nog niet als een heel goeie sprinter. Ik vergelijk mezelf met de rest van Nederland. Op de ranglijst van de Atletiekunie met de snelste tijden sta ik geloof ik 65e. Bij ver is het iets beter. Daar behoor ik tot de beste 40. Daar is de top-10 haalbaar. Zodra je 7 meter springt, behoor je in Nederland tot de besten.”

“Of ik op de tv naar de Olympische Spelen heb gekeken? Zeker. Het is altijd goed om naar mooie voorbeelden te kijken. Op trainingskampen nemen we vaak een film op. Dan kijken we naderhand naar wat niet goed en wat wel goed was. Trainen en sporten doe ik met veel plezier. Ik train zes keer per week: vier keer 2 uur en twee keer anderhalf uur. Je moet verstandig leven. Dat kost me geen moeite. Els verbiedt ons niets. We mogen doen wat we willen. Maar als je fit op de training wilt zijn, moet je de vorige nacht niet tot zes uur in de disco blijven hangen.”

“AV '23 is voor mij de ideale omgeving. Absoluut. De technische groep is een heel leuke groep. Ik heb er veel vrienden. Ik ben bijna m'n hele leven al lid. Ik denk er absoluut niet aan om naar een andere vereniging over te stappen. Ik zou niemand weten die beter is dan Els.”
“Ik merk nooit van tevoren dat het die dag niet zal gaan. Vandaag (9/9) had ik een zware dag op school. [Dennis is 5e-jaars student industrieel ontwerpen aan de TU Delft.] Ik zat om half acht al in de trein en was pas om 7 uur weer thuis. Ik verwachtte dat het trainen niet goed zou gaan omdat ik wat moe was. Maar ik heb aan alles mee kunnen doen. Dat bewijst dat de vorm goed is. Dat moet ook want op zondag 21 september is de finale van de competitie. Wij willen promoveren!”