
Een recreatieve wandeling rond het plassengebied bij de Kaag en het meevaren met enkele veerpontjes over de brede sloten en meren staat al geruime tijd op ons wandelverlanglijstje. De Kager Plassen, een eldorado voor de watersportliefhebber en de recreant, liggen niet ver van huis. Het waterrijk gebied ligt in het noorden van de provincie Zuid-Holland, pal onder onze provincie. Waarschijnlijk is dat ook de reden waarom er nog steeds niets van dit uitstapje gekomen is. Een inwoner van Venetië gaat ook niet de Peggy Guggenheim Collection ondergebracht in het Palazzo Vernier dei Leoni bezoeken en een doorsnee Amsterdammer komt niet in het Rijksmuseum. Wel doet men dit soort bezoekjes als men ver van huis is. Raar, maar dan trekt het opeens wel.
Enfin, dit is dan ook de reden waarom er nog steeds niets van gekomen is. Het komt wel. Wat in het vat is, verzuurt niet! Van de week waren de plannen wel erg concreet, maar een windkracht 5 gooide roet in het eten. De Anne Frankboom is door een flinke rukwind geveld en overal op straat liggen gebroken boomtakken. De voetveren blijven aan de steigers. Uitvaren onder die omstandigheden heeft een extra risico. Welke organisatie durft dat aan. En wie wil tenslotte veel kilometers in de felle wind sjokken. Niemand toch?
Woensdag 25 augustus is alles anders en het ziet er een stuk vriendelijker uit. De wind is gaan liggen, de regen is naar het oosten weggewaaid en het zonnetje beloofd langdurig te voorschijn te komen. Daarom heb ik mijn hardlooptraining een dagje verschoven, maar ik krijg daar vast en zeker een prachtige wandeling voor terug.
Met de trein en later met de bus worden wij in de plaats Warmond afgezet. Hier begint de rondwandeling. We kijken in het rond, maar zien geen enkel bordje dat op een rondwandeling of naar het centrum van het dorp wijst. Een inwoner van Warmond komt ons te hulp. Even later staan we in het gebouw van de VVV. Ik voel me een toerist in eigen land. En eigenlijk ben ik dat ook. We worden op weg geholpen en we moeten de groene bordjes van de Zwanburgerroute door het Groene Hart volgen. Over een lange voetgangersbrug kruisen we het water van de Warmonderleede en we bevinden ons op het eiland Koudenhoorn. Hier kan men wandelen, trimmen, zwemmen en uitrusten op een terrasje. Een aantal routebordjes brengt ons bij een steiger. Hier ligt een motorveerboot afgemeerd. Twee senioren bemannen het vaartuig. Een vrijwilligersbaantje om toch nog iets te doen en nuttig te zijn voor de samenleving. Het voetveer vaart ons over ’t Joppe. Dit is een 38 meter diepe plas ontstaan door zandwinning voor het ophogen van stadsdeel Leiden-Merenwijk en gebieden rondom onze luchthaven Schiphol.
Terwijl de schipper het bootje naar het volgend eiland vaart, vertelt zijn maat ons wat er allemaal te beleven is in de omtrek. Even later worden we afgezet op de Zwanburgerpolder. Dit eiland is groter dan Koudenhoorn en is alleen met een boot bereikbaar. De medewerker vertelt hoe wij moeten lopen en zal ons weer opvangen bij de volgende steiger. Dan wijst hij naar links op een rund. ‘Kijk, dat is een stier. Hij ligt vastgebonden aan een paal en daar moet u beslist niet komen. Voorts lopen er runderen rond, maar daar hebt u niets van te vrezen,’ gaat hij verder. ‘Straks halen wij jullie weer op. We houden jullie wel in de gaten,’ zegt de man die ons de tickets voor de overtocht levert.’
Wij zetten voet aan wal en wandelen over een dijkje in oostelijke richting tot we weer een aanlegsteiger tegenkomen. De boot vaart weer terug naar Warmond. We staan versteld van de rust die hier heerst. Het zonnetje schijnt en we hebben het vakantiegevoel. Op geringe afstand van de wallenkant varen enkele scheepjes voorbij. In de verte ontwaren we een paar molens en de watertoren van Warmond. Een vliegtuig is op weg naar Schiphol en in de verte rijdt een trein voorbij. Hier en daar staan enkele bosjes langs de waterkant. Vervolgens wandelen we langs een uitzichtplateau en daarna langs een groepje koeien. De melkmachines liggen rustig te herkauwen in het gras. Ze hebben maling aan ons en blijven onbeweeglijk liggen. Nou ja, onbeweeglijk! De kaken gaan steeds maar op en neer zoals de manager van Manchester United kauwgom aan het kauwen is.
Op de steiger wachten we op De heere Schouten. Het bootje dat ons naar het volgend eiland brengt. Inderdaad heeft de schipper en zijn metgezel ons in de gaten gehouden. Langzaam komt het aangevaren en meert aan bij de steiger. Nog steeds zijn wij de enige gasten vandaag. Maar daar kan altijd verandering in komen.
Wederom varen we met het motorbootje mee. We zien een veerpont een oversteek van het vasteland naar de enige boerderij op het eiland maken. Op het vaartuig staat een aantal koeien en een tractor. De boer staat eveneens aan dek en kijkt of alles naar wens verloopt. Het is de eerste pont voor veevervoer die ik waarneem. De vrijwilligers zetten ons op het schiereiland Tengnagel af. Daarna gaan we te voet verder. Door het gras vervolgen we ons pad. We gaan eerst door een klaphekje en kruisen vervolgens een rooster en nog een hek. Via het eiland De Strengen, dat met een brug aan het oude land is verbonden, arriveren we bij de Zijl. De Zijl staat in verbinding met de Oude Rijn en het Rijn-Schiekanaal. Drie felgekleurde vlaggen duiden op de oeververbinding Leiden-Merenwijk - Warmond-Zijldijk. Door middel van een oude motorboot met de toepasselijke naam De Zijlboot worden wij naar de andere kant van het water gebracht. Daar wandelen we in noordelijke richting en passeren de Boterhuismolen. De molen is opgebouwd uit baksteen en het gedeelte dat vaak in de wind staat heeft ter bescherming een extra stuclaag.
De Zijldijk blijven we in noordelijke richting volgen en plotseling staan we weer voor water. Deze smalle doorgang heeft de naam Zijp en verbindt het Vennemeer met het Sweiland. Wederom maken we gebruik van een veerpont en weldra bevinden wij ons in de Sweilanderpolder. Allereerst willen we de inwendige mens voeden en in het restaurant van de Kaagsociëteit hebben we een pauze. De uitbater van de Kaagsociëteit heeft zich helemaal op de watertoerist gericht.
Over een lang betonpad bereiken we de buurtschap Zevenhuizen. Een boer heeft aan het eind van het pad een bordje Verboden Toegang Wetboek van Strafrecht Art. 461 geplaatst. Hij wil dat geen enkele wandelaar zijn domein doorkruist. Waarschijnlijk heeft de man slechte ervaringen opgedaan. Een paar kilometer teruglopen en een ander pad kiezen vind ik geen optie. Van het bordje naar de openbare weg is slechts 30 meter. Als ik iemand zie kan ik altijd vriendelijk vragen of we mogen passeren. Maar er is niemand in de buurt, dus moet ik zelf actie ondernemen. We passeren een rooster en even later klimmen we over een hek. Het blijft stil en wij vervolgen onze weg. Na ongeveer 500 meter staan voor de Kager Plassen. Juist op dat moment komt de veerpont aangevaren met enkele wielrijders en wandelaars aan boord. Het is een wisseling van de wacht. Wij nemen hun plaats in en even later vaart de schipper over de uitgestrekte plas. Langs de oever liggen talloze mooie jachten en kleinere scheepjes. Een watersportgebied bij uitstek.
De wind neemt enigszins toe en onder een heerlijk zonnetje maken we de oversteek. Na ongeveer een kwartiertje varen worden we weer aan land gezet. We bevinden ons dan in de Kaagerpolder met Kaag als enige plaats. Op het eiland staat een oud kerkje en een aantal interessante gebouwen. Ook wordt er flink aan toerisme gedaan gezien de vele borden en aanbiedingen. Even voorbij een giga scheepswerf staan we voor de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder. Voor de zoveelste maal worden we vandaag overgezet, maar nu door een autopont.
Daarna wordt de wandelroute minder interessant. Enige tijd volgen we een pad langs de autosnelweg A44 en langs de spoorlijn Schiphol-Leiden. Ter hoogte van de watertoren van Warmond wordt de route een stuk vriendelijker. Via enkele aantrekkelijke paden naderen we het dorp Warmond, waar we vanmorgen met de wandeling zijn begonnen. In plaats van een busreis gaan we te voet verder naar het hoofdstation van de stad Leiden. Aldaar zetten we een punt achter deze mooie wandeling. Na enig rekenwerk blijkt er weer een afstand van een halve marathon te zijn afgelegd.


