AV 1923

Vondelparkloop.

De Vondelparkloop, een jaarlijks terugkerend sportfestijn, staat ook weer op mijn lijstje. Het laatste decennium een vast gegeven. Dit wereldberoemde park was in mijn jeugd een zeer geliefd plekje. Niet alleen bij mij, maar ook bij de hippies, afkomstig uit alle delen van de wereld, die er in de zestiger jaren van de vorige eeuw dagelijks bivakkeerden. Hier begon de opbouw van mijn conditie. Na schooltijd en later ’s avonds na mijn werk ging ik aldaar trainen. Vaak liep ik een rondje door het park, maar dan over de ruiterpaden. Dit maakte het hardlopen een stukje zwaarder. Vervolgens met leeftijdgenoten een balletje trappen. Dat ging er vaak fanatiek en soms hard aan toe. Ieder wilde z’n kunstjes tonen. Als het donker werd dropen we één voor één af en keerden huiswaarts. Het park werd ingenomen door andere bezoekers.

Zo nu en dan kom ik nog in het park. Is het niet bij de Amsterdam marathon dan wel op een ander moment van het jaar. Meestal bij een sentimentele stemming, terugkeren naar je roots. Nu sta ik tussen een horde hardlopers te wachten op het startschot van de Vondelparkloop, een run die vroeger schuil ging onder de naam Brandweerloop. Niet meer ter hoogte van de Frederikstraat waar jaren geleden de brandweerkazerne was gevestigd, maar bij het Filmmuseum midden in het park. Ik kies voor de afstand van 10 km en dat betekent drie rondjes rennen. Met het oog op het E.K. voor Masters te Gent over twee maanden, ben ik van plan om het eerste rondje te gaan snelwandelen en de andere twee rondjes hollend af te leggen. Dit om weer in het ritme te komen. Het liefst wil ik de run hardlopend afleggen, maar op deze manier sla ik twee vliegen in één klap.

De 40 km lange wandeltocht van gisteren in Lunteren zit me nog aardig dwars. Ik voel de pijn in m’n benen, maar ook m’n rug doet zeer. Alle spieren voelen houterig aan. En dat zijn er veel. Vanaf het Centraal Station hebben Cisca en ik de weg naar het park te voet afgelegd. Toch een bepaalde vorm van een warming-up.

In het gebouw van Stay-Okay, dat momenteel in de steigers staat, moet ik mijn startnummer afhalen. Er staat een hele horde hardlopers te wachten, maar toch is het allemaal vlug voor elkaar. Daarna ga ik naar buiten en wil ik nog enkele oefeningen van m’n warming-up afronden. De temperatuur schommelt rond de 11 à 12 graden en het is ronduit heerlijk te noemen. In tegenstelling tot de meeste lopers heb ik me in m’n korte broek gehesen. Tja, waarom niet bij deze temperaturen. Na enkele snelheids- en rekoefeningen moet het maar gebeuren. Het wachten is op de verlossende knal.

In de menigte tref ik enkele bekende gezichten aan, waaronder ook leden van AV’23. Als we nog staan te babbelen valt het startschot. Een oorverdovende knal. De menigte is meteen in beweging. Het duurt een minuutje voordat ik de ChampionChipmat bereik. Dan hoor ik het piepje en ik druk mijn stopwatch in. De teller gaat lopen evenals ik. Tussen de hardlopers ga ik in een hoog tempo snelwandelend van start. Al spoedig doet m’n hele lichaam pijn. Ik loop te hijgen als een oud werkpaard. Ik kan niets anders doen dan de snelheid ietsjes terugschroeven. Dat betekent dat er een heleboel lopers over me heenkomen. Ter hoogte van het Melkhuisje, een bekend restaurant in het park, gaat het weer beter. De pijn is uit m’n lichaam verdwenen en het loopt zelfs lekker. Bij de vroegere boswachterswoning draaien we de lange laan in die eindigt bij de Amstelveenscheweg. Het ruiterpad van vroeger is in de loop der jaren verdwenen. Toch even met een schuin oog controleren. Aan het eind van het park maken we een grote bocht en keren terug naar het midden van het park. Het gaat prima en ik ben zeer tevreden.

Eigenlijk is het een chaos in het park, want zowel fietsers als jonge ouders met kinderwagens alsmede de geïrriteerde hondenbezitter steken kris kras de weg over terwijl wij in een hoog tempo naderen. Ze denken dat het snel kan als er een gaatje tussen een groepje lopers valt. Nou, dat gaat namelijk niet. Je wordt er zelfs uit je ritme door gehaald. Na 19:49 ben ik weer terug bij het filmmuseum en m’n tweede rondje kan beginnen. Het gaat prima en ik wil toch nog een rondje snelwandelen en stel het hardlopen nog even uit. Langs de kant van het pad tref ik Ilona van Riemsdijk. Met belletjes moedigt zij de meute aan. Ook ik, krijg een goedkeurend woordje en dat de techniek er goed uitziet. Het deelnemersveld is inmiddels behoorlijk uit elkaar gerukt, maar dat kan ook niet anders. Over het tweede rondje doe ik exact een minuut langer en ik ga door voor m’n laatste ronde. Anders dan ik me heb voorgenomen blijf ik snelwandelen. Morgen kan ik ook nog gaan rennen als ik dat wil. Nu gaat het prima en het is goede eerste training voor Gent. De paden en wegen zijn nu minder druk, omdat menig snellere loper het einddoel inmiddels heeft bereikt of daar bijna arriveert. De wandelaars en wielrijders blijven een lastig obstakel. Sommigen denken dat het park alleen van hen is. Jammer, gezamenlijk iets delen schijnt in de praktijk moeilijk te zijn. Ter hoogte van het Filmmuseum slaan we niet af en lopen in een rechte lijn onder de brug van de Constantijn Huygenstraat door. Nog even doorzetten en na 100 meter ligt de finishmat. Het laatste rondje met het afloopstuk heb ik afgelegd in 21:54 waardoor m’n eindtijd op 1:02:32 is gekomen. Dat is handmatig geklokt op mijn eigen stopwatch.

Ondanks het feit dat ik niet onder het uur ben gefinisht, schept deze eindtijd mij toch vreugde. Ik heb niet veel ingeleverd in de periode dat ik niet op snelheid heb gewandeld. Maar, natuurlijk ben ik de afgelopen maanden toch wel actief bezig geweest. Anders was dit niet mogelijk. Na de eindstreep krijg ik een grote mok als herinnering aan deze run in handen gestopt. Het kraampje met de erwtensoep en het roggebrood laat ik even links liggen. Regelrecht loop ik naar de kleedkamer, want m’n tenue is kletsnat. Dat zit niet al te fris op m’n lijf. Opgefrist en een schoon tenue doet wonderen en in korte tijd ben ik weer helemaal klaar voor een voettocht naar huis. Eerst nog even een kopje erwtensoep met het roggebrood van een vrijwilligster in ontvangst nemen en daarmee de inwendige mens versterken. Onderwijl maak ik een praatje met Ilona van Riemsdijk en Reinout Koperdraat. Even later kan de cooling-down, een voettocht van ook zo’n 10 km naar huis beginnen.