Het is me wel een onstuimig weekendje. Er raast een stormachtige wind over Nederland. Een weerkundige van het K.N.M.I. te De Bilt noemt het net geen storm. De veerverbindingen tussen het vasteland en de Waddeneilanden zijn uit de vaart genomen en overal zijn er bomen in ons land omgewaaid. Dakpanresten liggen overal in duizend puzzelstukjes op straat. Maar dat is allemaal niets vergeleken bij de tropische cycloon Yasi die in Australië een spoor van vernieling heeft achtergelaten. Er zijn daar gelukkig geen dodelijke slachtoffers gevallen, maar duizenden mensen zijn wel dakloos geworden en aan bananenplantages is veel schade aangericht. En dan hebben we het nog niet over al die ellende die zich in Egypte en andere Noord Afrikaanse landen afspeelt. Blij genoeg leven wij niet onder een dictatuur en kunnen wij in Nederland doen en laten wat we zelf willen.
Of er niets aan de hand is reizen Cisca en ik vandaag met de trein naar Rotterdam om aldaar mee te doen aan een snelwandelwedstrijd in het Kralingse Bos. Voor mij is dat wederom een voorbereiding op de wedstrijden van het Europees Kampioenschap Indoor voor Masters die volgende maand in Gent, België, worden georganiseerd. In plaats van de 10 km race kies ik voor de 5 km wegwedstrijd, want die afstand wordt straks in België ook gelopen.
Als we de kantine van de kunststofbaan aan het Langepad betreden lijkt het wel een reünie. Het is een weerzien van bekende sporters. Heel gezellig. Eerst ga ik me inschrijven voor de wedstrijd en dan neem ik een kopje koffie. Eigenlijk gun ik me niet veel tijd en ga me daarom snel omkleden in één van de ruime kleedkamers. De start van de wedstrijd is ongeveer 500 meter van de atletiekbaan verwijderd. Dus op die aanloop kan ik meteen met m’n warming-up beginnen. De start vindt om exact 11:00 uur plaats. Op het bekende rondje in het bos zijn al diverse atleten met het opwarmen van de spieren bezig. Van een van de medewerkers krijg ik te horen dat de wedstrijd verplaatst is naar een fietspad, omdat gemeentewerken het pad met grote hekken geblokkeerd heeft. Renovatiewerkzaamheden noemt men dat tegenwoordig. Toch loop ik nog even het pad in om te kijken. Of ik mijn warming-up nu hier doe of ergens anders. Ik heb op dit moment nog tijd in overvloed. Inderdaad er staan gigantische hekken die een wedstrijd op het rondeparcours onmogelijk maakt. Inmiddels wordt een parcours met een lengte van 500 meter op het rijwielpad met een hodometer opgemeten. We dienen natuurlijk wel de juiste afstand te overbruggen. En geen meter meer of minder. Toch?
Midden in het deelnemersveld staan onder andere Harold van Beek uit Luxemburg en Jerome Caprice van Mauritius. Twee heel goede snelwandelaars. Ook Jacques van Bremen mogen we niet uitvlakken, maar hij start in tegenstelling tot die twee andere toppers op de 5 km. Naast de vele Nederlanders zijn er nog enkele atleten uit Duitsland en België op de wedstrijd afgekomen. Kortom, een goede bezetting.
Inmiddels is het traject op het fietspad uitgemeten en de draaipunten zijn aangegeven. Een soort grenspaal ligt midden op het fietspad en aan de andere kant van het parcours een rugzak. Beide voorwerpen kunnen prachtig als pylon fungeren. Bij het naderen van de namaak pylonen betekent het wel afremmen, draaien en weer tempo maken. Dit is een stuk lastiger dan snelwandelen op het bekende rondje, waar geen draaipunten zijn. Ik denk dat iedereen hierdoor wel een x-aantal seconden bij de te verwachten eindtijd kan optellen.
Om 11:00 uur is het zo ver en het startschot wordt gelost. Omdat er 46 atleten op het smalle fietspad staan is een snelle start voor velen uitgesloten. Maar ja, dat geeft niet, want deze wedstrijd wordt door iedereen als opbouw voor het verdere seizoen gezien. De deelnemers aan de 1, 3, 5 en 10 km zijn gelijk van start gegaan. Zoals verwacht gaan Jerome Caprice en Harold van Beek meteen aan de leiding met Jacques van Bremen en de Belg Dirk Bogaert in de directe achtervolging. De stormachtige wind is nog niet gaan liggen, maar we hebben het veel beter dan de vorige twee dagen. Toch voel je dat na verloop van tijd de wind als spelbreker gaat optreden, maar na een keerpunt heb je hem dan weer in de rug. Hier kan je weer even op adem komen. Ook afgebroken takjes liggen op het pad en zijn hinderlijk voor de lopers. Doch we moeten het er maar mee doen. Zelf gok ik op een eindtijd van iets binnen de 30 minuten. Sinds juni vorig jaar heb ik geen officiële snelwandelwedstrijd meer gelopen. Dat betekent niet dat ik niet in vorm ben, want de trainingskilometers worden wel degelijk gemaakt. De meeste daarvan liggen in De Meer. In een leuk groepje kan ik het tempo volgen. Het is wel hard werken en de pijntjes voel je op een gegeven moment in het lijf. Jacques van Bremen heeft de 5 km wedstrijd met glans gewonnen. Een eindtijd van 23:42 is voor hem geklokt. Als hij de finishlijn heeft gepasseerd mag ik nog een rondje van 1 km. Maar tussen ons tweeën zit wel een leeftijdsverschil van 36 jaar. Onze aimabele Belg komt als tweede over de eindstreep. Dirk laat een tijd van 24:53 op de wedstrijdklok afdrukken. Mijn tempo ligt net op 10 km p.u. en er is bijna geen verval. Op het laatste rechte eind naar de finish zet ik nog even aan en de klok blijft voor mij op 29:51 steken. Hetgeen goed is voor een vijfde plaats in de eindrangschikking. Jerome en Harold blijven bij elkaar. Toch is het Jerome die op een gegeven moment het kopwerk overneemt. Harold is een taaie, maar ook 21 jaar ouder dan de man uit Mauritius. Beide kemphanen finishen in respectievelijk 46:07 en 46:12. Richard Leijenaar legt beslag op de derde plaats met een eindtijd van 52:34 voor mijn clubgenoot Theo Koenis die een tijd van 55:26 laat noteren.
Bernard Krabbendam knabbelt iedere wedstrijd een flink aantal seconden van z’n eindtijd af. Hij finisht na 5 km in 38:00. Straks in Gent moet een hoge zes en dertiger tot de mogelijkheid behoren.Nadat ik de meet heb gepasseerd blijf ik nog heel even hangen en naar mijn collegae kijken. Al snel besluit ik om terug te gaan naar het clubgebouw voor een heerlijke warme douche. Bij de kunststofatletiekbaan Langepad kan ik het niet laten en loop nog een rondje op het tartan. Daarna geniet ik van de warme stralen en niet veel later zit ik aan een verrukkelijk kopje thee. Met een diploma en een uitslag op zak gaat de thuisreis beginnen. Volgende week kunnen de snelwandelaars in Amsterdam terecht. Het mooie weer is reeds besteld. Het kost een paar duiten, maar je krijgt er ook wat voor.