
De wedstrijd van afgelopen vrijdag heeft mij geen lichamelijke problemen opgeleverd. Geen spierpijn of andere ongemakken dus. Eigenlijk voelt alles prima aan. Je zou bijna zeggen: ‘Ik heb nog niet gelopen.’ Wel ben ik mentaal bezig met de wedstrijd van aanstaande zondag. Om te ontspannen ben ik gisteren met Harold en Cisca naar een prachtig saunacomplex in Luxemburg geweest. Even heerlijk tot rust komen en lekker uitzweten. Vandaag staat de 30 km wegwedstrijd in het centrum van de plaats Thionville op het programma. Niet alle atleten en atletes die vrijdag aan de 10 km wegwedstrijd hebben meegedaan zijn actief. Een aantal is supporter en staat achter een lange rij dranghekken. Op het plein voor de TIC ontmoeten we Johan Jeukens, die ons als coach gaat begeleiden. Tevens ontmoeten we onze andere Nederlandse snelwandelaars. Bauke te Nijenhuis is vandaag ook van de partij en is een kanshebber op een plak in de categorie M75. Harold van Beek is door de organisatie gevraagd om plaats te nemen in de snelwandeljury. Hierdoor hebben ze een buitenlandse scheidsrechter aan het team toegevoegd. Er ontstaat enig commotie omtrent de bagage van de deelnemers. Daar is door de organisatie helemaal niet aangedacht. De Engelse atleten zijn boos. Heel erg boos zelfs. John Hall vraagt naar mijn mening. Ik vind als er geen inname en bewaking voor bagage is dat tamelijk ‘ridiculous’. Een andere Engelse atleet herhaalt ‘ridiculous, ridiculous. No, it isn’t ridiculous, it’s fucking stupid.’ En dat allemaal met een prachtig Oxford accent. Hoe dan ook, het is een andere term voor het plotselinge probleem.
Ook dit parcours heeft een lengte van precies twee kilometer. Het is nu niet heen er weer lopen, maar de piste bestaat uit een T-vorm. Dit betekent drie maal een draaipunt om een rondje te voltooien. De start is op Boulevard Foch tegenover het inschrijfbureau. We lopen langs de verzorgingstafels en nemen daarna het eerste draaipunt. Vervolgens slaan we rechtsaf Avenue Clemenceau op en aan het einde van die straat keren we weer en lopen vervolgens helemaal terug om nogmaals te draaien. Dan slaan we rechtsaf Boulevard Foch weer op en tegenover Gymnase Municipal is een rondje afgelegd.
Enfin, om half drie staat het hele gezelschap voor de startstreep. Totaal 157 atleten, waaronder 109 mannen en 48 vrouwen. Hier geldt: ‘Wie het eerst komt, die het eerst maalt.’ We treffen vooraan bij de startstreep deelnemers in de categorie 80+ en daar achter staat een snellere groep, bestaande uit jonge mannen en vrouwen, opgesteld. Dit is niet erg handig, toch? De mannen moeten een afstand van 30 km afleggen en de vrouwen 20 km. Verschil moet er zijn, nietwaar? Alhoewel ik liever 20 km had gelopen. Het weer is geheel anders dan afgelopen vrijdag. Nu hebben we slechts 10 graden in plaats van de 23 onder een strak blauwe hemel. Een kwartiertje voor de start begint het te regenen. Het zal hopelijk bij een buitje blijven. De wens is de vader van de gedachte.
Het startschot is gevallen en de gehele groep komt in beweging. De dranghekken zorgen er voor dat het circuit een stuk smaller is. Ook moet je oppassen met die uitstekende poten van het ijzerwerk. Pluvius laat zich van de goede kant zien en het stopt met regenen. Opvallend is dat de meeste deelnemers langzamer van start gaan dan eergisteren. Een verstandig besluit. Het parcours vind ik prima. Er is geen centimeter hoogte verschil en dat loopt lekker. Het wegdek is niet ‘je van het’. Hier en daar zitten gaten in het asfalt. Ook moet je oppassen bij de putdeksels.
Omdat in de beginfase van de wedstrijd de massa nogal compact bij elkaar loopt, is het moeilijk in te schatten waar je directe tegenstander zich bevindt. René Hondelink, de teammanager van Nederland tijdens het E.K. indoor in Gent, staat ook langs de kant van het parcours en ondersteunt de Nederlandse atleten. Omdat de voor- en achternaam van de atleet op het startnummer is vermeld, worden we zeer persoonlijk aangemoedigd. Iedere deelnemer is verplicht om uit te komen in het officiële tenue van het land. Het felle oranje leidt weer tot kreten van: ‘Hup, Holland hup.’ Grappig!
Bij het passeren van de streep worden de tijden en de nog te lopen rondjes van de deelnemers op een scherm getoond. Als er teveel atleten tegelijk de tijdsregistratiemat passeren, dan wordt het nog te lopen aantal rondjes niet juist weergegeven. Gelukkig wordt dat het volgend rondje automatisch hersteld. Toch geeft het enig onrust bij de wandelaar. Na precies 11 km passeer ik Bernard Krabbendam. Hij zit niet lekker in de wedstrijd en zal weldra uitstappen en het verloop van de wedstrijd vanaf de zijkant volgen. Ongeveer vijftig meter voor het 15 km punt word ik gedubbeld door Theo Koenis. Hij loopt een goede wedstrijd. Op het 15 km punt zit Udo Schaeffer, een snelwandelaar afkomstig uit Jena. Hij geeft de Duitse atleten de tussentijden door. Ook ik krijg de juiste tijd doorgespeeld. Dan is het even rekenen en ik mag niet ontevreden zijn.
De volgende ronde begint het te regenen. Een heerlijk fris buitje. De temperatuur is iets aan de lage kant, maar als je op snelheid blijft lopen is dat geen probleem. Die Franse atleet die mij eergisteren de pas heeft afgesneden en die ik later van minachting niet aankeek, komt langszij. Hij mompelt iets. Wat? Ik heb geen idee. Misschien is het lucht dat opborrelt. Hij neemt afstand en ik loop verder in gezelschap van een atleet uit Tsjechië. Samen lopen we enkele rondjes totdat ik ga versnellen. Het is inmiddels weer droog en ik heb er zin in. Geen enkele rondje verveelt me. Cisca zorgt er voor dat ik elk rondje iets te drinken krijg, maar dat mag alleen in het officiële verzorgingsvak. Johan meldt de rondetijden en geeft adviezen.
Er is al een flink aantal rode kaarten door de snelwandeljury aan verschillende atleten en atletes uitgedeeld. Deze kaarten worden op een bord nabij de eindstreep getoond. Een enkeling is zelfs al uit de wedstrijd gehaald. Nou, dan heb je het al bont gemaakt. Plotseling zie ik mijn Franse vriend weer voor me lopen. Zijn rode cap is een glashelder herkenningspunt. Wederom is het er op en er over. Alsof hij stil staat. Heerlijk!
Met nog vier ronden te gaan word ik bijgehaald door de Noor Arvid Bjorvisk, een aardige man. Cisca waarschuwt mij, maar ik stel zijn aanwezigheid zeker op prijs. Al meer dan twee uur is hij op mij aan het jagen. Samen gaan we verder, maar het goede is er bij hem eigenlijk af. Toch probeert hij het en soms neemt hij zelfs het tempo van me over. Er ontstaat een goede samenwerking. We begrijpen elkaar en tellen de laatste kilometers. Als ik voor mijn laatste rondje ga, komt Theo over de eindstreep. Hij heeft een tijd van 2:57:06 op de klok weten te zetten, een mooie prestatie. Dit brengt hem tot een vijfde plaats in zijn categorie.
Johan Jeukens meldt mij dat AJAX kampioen van Nederland is geworden en mijn laatste rondje wordt als het ware een ererondje. Plotseling kan ik meer. Jawel, veel meer! Die mededeling was een extra stimulans. De Noor kan mij nu niet meer volgen en moet afhaken. Jammer! Nog twee keer draaien en dan is het gebeurd. Dan passeer ik Bauke te Nijenhuis. Ik heb hem gedubbeld. Hij mag nog een rondje van het wandelgebeuren genieten. Een Nederlands record is voor hem nog steeds haalbaar. Als ik de eindstreep passeer staat de klok op 3:22:08 hetgeen goed is voor een 14e plaats in mijn categorie. Een tijd waarmee ik beslist tevreden mag zijn. Bijna drie minuten langzamer dan twee jaar geleden in het Deense Aarhus. Pas nu voel ik mijn onderdanen. Goh, wat doen die pijn. Zelfs plaatsnemen op een bankje is een hele toer. Johan adviseert mij nog een stukje te gaan wandelen om de spieren iets soepeler te houden.
Het is nu wachten op Bauke. In de verte verschijnt een oranje tenue. Dat moet hem zijn, het kan niet missen. Ja hoor, we zien Bauke naderen. Hij passeert de eindstreep na 3:37:35 en heeft een nieuw record in zijn categorie. Maar wat nog belangrijker is, hij heeft een zilveren plak te pakken. Een echte Europese zilveren plak. Hulde!